Westerkwartier-gemeenten zeggen contracten welzijnswerk op

De vier gemeenten die samen straks het Westerkwartier zullen gaan vormen hebben besloten alle contracten op het gebied van het welzijnswerk op te zeggen. Zij willen nu met één, nieuwe en nog te vormen, organisatie een contract afsluiten. 

Eind februari hebben de 4 colleges van de Westerkwartiergemeenten een besluit genomen over de organisatie van het welzijnswerk in de 4 gemeenten per 1 januari 2019. Zij hebben besloten het welzijnswerk bij één partij, een nieuw op te richten lokale stichting, te beleggen en deze via een aanbestedingstraject te financieren.

Om de veranderingen door te kunnen voeren, hebben de 4 gemeenten de subsidieovereenkomsten met de huidige welzijnsaanbieders per 1 januari 2019 opgezegd. De colleges realiseren zich dat dit voor de medewerkers van deze aanbieders en de vele vrijwilligers, die verbonden zijn aan deze welzijnsorganisaties, tot vragen en onzekerheid leiden.

Uitgangspunten
Uitgangspunten voor de nieuwe organisatie zijn onder meer, dat één partij het welzijnswerk levert, de aanwezige kennis en ervaring van de huidige welzijnsorganisaties zoveel mogelijk worden overgenomen, de medewerkers van de nieuwe organisatie zichtbaar zijn en blijven in de dorpen en wijken in het Westerkwartier en hierbij nadrukkelijk de verbinding zoeken met de vele vrijwilligers(organisaties) die de nieuwe gemeente rijk is. Daarnaast zijn inhoudelijke kaders meegegeven, die samen met veel maatschappelijke organisaties en inwoners zijn opgesteld, en die aansluiten op de visie op het sociaal domein van de 4 gemeenten.

Wethouder Bert Nederveen namens de 4 gemeenten:
“Het vele vrijwilligerswerk is een kracht van en in ons Westerkwartier, die we zeer waarderen. We willen de vrijwilligers dan ook graag een plek geven in de werkwijze van de nieuwe organisatie. Zij zijn onmisbaar en dragen bij aan het welslagen van het welzijnswerk in de huidige gemeenten en straks ook in onze nieuwe gemeente.”

Besluitvorming raad
De 4 colleges leggen hun besluit in de maanden maart en april ter besluitvorming voor aan de 4 gemeenteraden. Bij een positief besluit starten de colleges daarna het aanbestedingsproject.